Een museum saai? Daar zijn wij het niet mee eens. We bezoeken met de kinderen graag een van de vele musea die Nederland rijk is. In dit blog: het openluchtmuseum Ellert en Brammert in Schoonoord.
In het Drentse plaatsje Schoonoord ligt het leuke openluchtmuseum Ellert en Brammert. Dit museum is bij mensen uit Drenthe wel bekend. Kom je echter uit een andere provincie, zoals wij, dan heb je misschien nog nooit van dit openluchtmuseum gehoord. Ik stuitte per toeval op een advertentie en werd nieuwsgierig. Wij vonden het dus tijd worden om dit museum eens te bezoeken en kennis te maken met Zuid-Oost Drenthe van ruim een eeuw geleden.

Over Ellert en Brammert
Het museum Ellert en Brammert is vernoemd naar de reuzen Ellert en Brammert. Het verhaal van Ellert en Brammert is een vrij bekend Nederlands volksverhaal, een sage. Een sage is een kort verhaal waarin een bepaald volksgeloof centraal staat. Een sage bevat ook veel bovennatuurlijke elementen zoals heksen, tovenaars, kabouters en in het verhaal over Ellert en Brammert dus twee reuzen.
Ellert en Brammert leefden in een hol op het heidegebied Ellertsveld. Ellertsveld ligt tussen de dorpen Orvelte en Schoonoord. Ellert was de vader van Brammert. Vanuit hun hol trokken ze regelmatig op strooptochten in de omgeving en teisterden de omliggende dorpen. Tevens hadden ze in de omgeving van hun hol de omgeving afgezet met draden zodat argeloze reizigers hierover struikelden. Als zo’n reiziger dan een draad raakte, ging er in het hol een bel af en dat was voor de reuzen het teken dat ze weer iemand konden beroven. Ze sloegen de persoon neer en gingen er met zijn of haar waardevolle spullen vandoor. Ook chantageerden ze de inwoners van het heidegebied. Ze eisten muntgeld dat de inwoners in een holle boom moesten verstoppen. Deed men dat niet, dan kwamen Ellert en Brammert langs om de huizen van deze personen in brand te steken. Dit chantagemiddel heet ook wel brandschatting in het Nederlands. Kortom, het waren twee erg gezellige reuzen waar niemand graag mee in aanraking kwam.

Ondanks hun praktijken begonnen Ellert en Brammert zich te vervelen. En op een dag besloten ze een meisje te ontvoeren. Ze kozen voor Jantien, een boerendochter die toevallig alleen op de heide liep. Ellert en Brammert namen het meisje mee en sloten haar zeven jaar op in hun hol waar ze vooral huishoudelijk werk moest doen. Na zeven lange jaren kreeg het meisje de kans om te ontsnappen. Toen Brammert er op een dag alleen op uittrok, pakte ze een mes en sneed de keel van Ellert door. Bij thuiskomst vond Brammert zijn vader dood en besloot hij wraak te nemen. Hij achtervolgde het meisje over de heide naar het dorp Orvelteveen. Hij sloeg met zijn bijl op de huizen en gooide zijn bijl naar het meisje, dat op een haar na ontkwam. De dorpsbewoners verjaagden daarna de reus.
Van het verhaal zijn verschillende varianten bekend. Zo zou Brammert in een van de versies een dorp onder het zand blazen en in een andere versie zou het ontsnapte meisje het hol van de reuzen met erwten hebben gemarkeerd, waardoor de dorpelingen de reus konden overmeesteren. Omdat het verhaal een sage is, is het ook niet precies duidelijk in welke tijd het verhaal zich afspeelt. Er zijn zelfs versies waarin Ellert en Brammert de hunebedden hebben gebouwd. In ieder geval is het een mooie sage die ervoor zorgt dat Nederland rijk is aan volksverhalen en zo bijdraagt aan de Nederlandse volkskunst.
Over het openluchtmuseum
Het openluchtmuseum werd in 1954 geopend als ode aan de geschiedenis van het Drentse dorp Schoonoord. In de 19e eeuw waren de landerijen van Schoonoord bedekt met plaggenhutten. Deze hutten waren gebouwd van stukken gras, de plag, stro en hout. De mensen die hier woonden, waren eenvoudige landarbeiders die in de omringende venen turf staken. Ze leefden ook eenvoudig, zonder water en elektriciteit. Het is interessant om te zien dat mijn grootouders in de jaren 10 en 20 van de twintigste eeuw al in stenen huizen leefden en 200 kilometer verderop in Drenthe veel mensen nog in een hut woonden. In de jaren 50 nam de belangstelling voor het leven in een plaggenhut toe en besloten werd om het verleden van Schoonoord te eren met een museum.

Vandaag de dag kun je in het openluchtmuseum ontdekken hoe de mensen in Schoonoord woonden, leefden en werkten. Het museum bestaat uit 29 historische objecten die de geschiedenis van het dorp weergeven. Zo zijn er natuurlijk de plaggenhutten, een schooltje, een houtzagerij, een kerk, een smederij en een snoepwinkeltje. In het armenhuis vinden wisselende exposities plaats. Er is ook een herberg, een kinderboerderij en een grote speeltuin. En naast de herberg is een veldje waar kinderen steenmannetjes kunnen bouwen. In de smederij en in de houtzagerij worden regelmatig demonstraties gegeven.
Bezoek aan het museum
Bij aankomst op de parkeerplaats zien we ze gelijk al staan: de reuzen Ellert en Brammert. Voor ons bezoek aan het museum had ik het verhaal over Ellert en Brammert al aan de kinderen verteld. Bij de ingang krijgen we een plattegrond van het museum mee. We wandelen het pad af en komen gelijk al bij het eerste huis: een plaggenhut met een schaapskooi. We gaan de plaggenhut in en verbazen ons over de omstandigheden. Hoe konden de mensen zo leven? De kinderen vinden het muf en vochtig en kunnen zich maar moeilijk voorstellen dat er tot ver in de twintigste eeuw mensen in zo’n hut woonden.

Hunebed
Na de plaggenhut bezoeken we kort de expositie over de drukpers en komen dan langs een hunebed. De hunebedden kennen de kinderen inmiddels uit het Hunebedmuseum. Het hunebed in het openluchtmuseum is een nagebouwd hunebed. In tegenstelling tot de echte hunebedden mag je hier wel klimmen en klauteren en dat doen de kinderen dan ook meteen. Het hunebed is een leuke klimplek en we blijven hier dan ook wat langer hangen. Na het hunebed lopen we langs een klein veendijkje. Hier leren we over het turfsteken. We nemen nog een kijkje in een andere plaggenhut en daarna komen we bij een tentoonstelling over het leven in Drenthe aan het begin van de twintigste eeuw. We zien een korte film over het leven in een plaggenhut en over het leven aan boord van een trekschuit.


School
Na de tentoonstelling bezoeken we de school. Scholen spreken bij de kinderen altijd tot verbeelding omdat ze zo zien hoe mensen in andere tijden naar school gingen en wat ze leerden. En ze kunnen de school vergelijken met hun eigen school. We zien vooral bordjes met aap, noot, mies. Op het schoolplein liggen stelten zodat de kinderen een rondje op stelten kunnen lopen. Dat kennen ze ook van hun eigen school. We verlaten de school en via een aantal andere gebouwen komen we aan in het hol van Ellert en Brammert. In het hol kijken we naar een animatie over het leven van deze reuzen. Aan het begin van het hol staat nog een waarschuwing dat de animatie niet erg geschikt is voor kleine kinderen maar wij vinden het erg meevallen.


Herberg en speeltuin
Na het hol wandelen we naar de herberg en komen we langs een grote speeltuin. Aangezien wij het museum in de namiddag bezoeken, is het niet zo heel erg druk meer. In de herberg kun je terecht voor een kopje koffie en een drankje en voor gerechten als soep, salade en broodjes. Je kunt er ook een uitgebreid menu bestellen, maar dat slaan we over. Inmiddels is de speeltuin bij de herberg trouwens helemaal vernieuwd en er staan nu mooie houten speeltoestellen. Naast de speeltuin is ook een kinderboerderij met onder andere herten, schapen, varkens, konijnen en cavia’s.

Steenmannetjes
Nadat de kinderen zijn uitgespeeld, lopen we het pad verder af en komen langs de zogenaamde kei klopperij. Het is in het begin niet helemaal duidelijk wat we hier kunnen doen, maar we zien overal steenmannetjes staan dus we gaan zelf ook aan de slag met de keien. We maken een aantal grotere en kleinere steenmannetjes die mijn dochter dan ook de steenmanfamilie noemt. Compleet met baby, kinderen, ouders, een opa en een oma. En zelfs een stenen hond. Als we uitgebouwd zijn, wandelen we verder en nemen een kijkje in de arbeiderswoning. Hier is het al veel beter vertoeven dan in een plaggenhut. We komen ook langs de smid, maar op het moment dat wij er zijn is er geen demonstratie. Ook zonder demonstratie is het nog steeds interessant om een kijkje te nemen


Planken zagen
Na de smid bezoeken we de kerk en de grote Saksische boerderij. In de schuur van de boerderij zit nu een geologische en archeologische expositie die de moeite waard is. Daarna komen we langs de gevangenis. Dit is een klein hokje aan de rand van een groot grasveld. De gevangenis is maar klein en het is moeilijk te geloven dat er ooit gevangen zaten. Wij zouden er in ieder geval niet graag in zitten. Bij de houtzagerij kunnen we een plank door midden zagen met een fiets. De werking is erg eenvoudig. De fiets is door middel van stalen kabels verbonden met een zaag en als je fietst, beweegt de zaag en zo kun je de plank door midden zagen. Mijn oudste zoon wil dat wel proberen. Het is nog best zwaar maar uiteindelijk zaagt hij de plank doormidden.

Snoepwinkeltje
Via de houtzagerij en de timmerwerkplaats komen we langs het armenhuis en het tolhuis. Daarna staan we weer bij de ingang van het museum. Hier is nog een oud-Hollands snoepwinkeltje. Het winkeltje staat vol potten met snoep zoals kaneelkussens, pepermunt, drop en gewone snoepjes. Uiteraard willen de kinderen de middag in het museum afsluiten met wat lekkers en we kopen voor alle drie een zakje snoep. Het openluchtmuseum Ellert en Brammert is een klein, maar interessant museum waar genoeg te doen is voor een leuke middag.
Kijk voor meer informatie over het Openluchtmuseum Ellert en Brammert op de website.
Praktische informatie
- Waar: Het openluchtmuseum Ellert en Brammert ligt in de Drentse plaats Schoonoord. Het adres is Tramstraat 73, 7848 BJ Schoonoord.
- Parkeren: parkeren kan gratis op de parkeerplaats naast het museum.
- Openingstijden: het museum is open van 1 april tot en met 31 oktober op maandag tot en met vrijdag van 09.30 tot 18.00 en in het weekend van 10.00 tot 18.00. Het museum is gesloten van 1 november tot en met 31 maart. Kijk voor actuele openingstijden op de website.
- Prijs: kinderen vanaf 12 jaar en volwassen betalen 10 euro, kinderen van 4 tot en met 11 jaar betalen 6 euro en kinderen tot en met 3 jaar zijn gratis. De museumkaart is niet geldig (prijspeil 2026)
- Tijd nodig: in het openluchtmuseum kun je je gemakkelijk een halve dag vermaken. Er is veel te doen voor kinderen. Wij bezochten het museum in de namiddag en waren ongeveer twee tot drie uurtjes zoet.
- Horeca: ja. In het museum is een restaurant: de oude Drentse boerenherberg. Op het menu staan onder andere Drentse streekgerechten, koffie en thee en gebak.
- Sanitair: ja, gratis. Toiletten bevinden zich bij de ingang en bij de oude Drentse boerenherberg.
- Extra informatie: het museum is goed toegankelijk voor minder validen, buggy’s en kinderwagens.


